mallemolen

De draaimolen,
allang verdrongen door
king-size Vogelvlucht.

En ik, ik trek de kar
door alsmaar oude sporen;
probeer mijn gedachten te stollen
in de huid van weer taaiere steen.

De verzonken Mandarijn
in mij blijft on-opgemerkt;
terwijl ik toch alsmaar rondjes rijdt,
in telkens weer andere bots-auto’s;
het licht om mij heen knettert in kleurige kortsluiting.

Weer eens te spijbelen van alles,
de opwinding te zoeken die mijn angst verdrijft;
ik draai rondjes in de mallemolen van mijn hoofd,
en weet dat het paardje in die Draaimolen
het leven voor mij dansbaar zal houden.